Terreur van de techniek - 1
De trap van de roltrap
Ze waren laat. Hun productpresentatie zou over drie minuten beginnen, maar ze zouden toch eerst hun prototype moeten opstarten. Maar ze waren binnen! Nog één roltrap naar de derde verdieping. Jennifer kon het voor hen gereserveerde zaaltje al zien.
Het noodlot sloeg toe als een dief in de nacht. Bijna vielen ze allebei voorover, toen de roltrap met een schok stopte. Daar stonden ze dan, midden tussen de tweede en de derde verdieping, muurvast op een roltrap waar geen millimeter beweging meer inzat, in het zicht van het zaaltje waar ze, na twee lange jaren van bloed, zweet en tranen, eindelijk hun prototype mochten demonstreren. Gestrand in het zicht van de haven en verder niemand te bekennen.
"Bel de conciërge!" gilde Jennifer met overslaande stem naar haar collega Patrick. "Of de bewaking! De politie! Doe iets!!"
"Geen signaal..." Patrick schudde met zijn telefoon, alsof dat het signaal zou versterken.
"Help!" Patricks schuchtere stem echode door het gebouw, maar het leek erop dat verder iedereen al naar huis was, afgezien van hun cliënt die ongetwijfeld vol ongeduld in de geluiddichte ruimte zat te wachten, op nauwelijks 20 meter afstand.
"Help! Is er iemand? We zitten vast!" Er klonk nu pure paniek in Patricks stem.
"Alstublieft... help ons toch!" deed Jennifer een duit in het zakje. "De roltrap!"
Hun ongerustheid maakte nu plaats voor pure paniek. Het was nu of nooit! Hoe kwamen ze op tijd het zaaltje binnen?
"Help!... Hèèèèlp!" In het lege gebouw klonk de holle echo van Patricks van angst overslaande stem als in een episode van American Horror Story. Het contrast van de daarop volgende doodse stilte deed het ergste vrezen.
De minuten kropen voorbij. Na een kwartier, ze hadden nog hoop er snel iemand zou komen om hun uit hun penibele situatie te redden, besloten ze hun energie te sparen en maar op de treden van de roltrap te gaan zitten, maar toen er na een half uur nog geen hulp was gekomen, wisten ze dat ze de kans van hun leven hadden verspeeld. Boven zagen ze het licht van het zaaltje uit gaan en de delegatie van hun cliënt naar achteren lopen, waarschijnlijk richting lift. Ze besloten zich stil te houden. Onder geen voorwaarde mocht hun cliënt de blamage van hun penibele situatie zien.
Patrick barstte in tranen uit, zijn lange uithalen onwezenlijk echoënd in het halfduister van het verlaten gebouw, waar inmiddels alleen de spaarzame noodverlichting nog brandde. In een vlaag van blinde woede smeet Jennifer haar koffertje met het prototype van de roltrap af, tot het op de marmeren vloer van de tweede etage onder hen te pletter viel. Dit had geen enkele zin meer. Gestrand in het zicht van de haven, zat ze hier muurvast, samen met Patrick, de loser. Twee lange jaren research, alles was voor niets geweest.
Twee uur later maakte de wanhoop plaats voor vermoeidheid. Ze besloten, het zich maar zo comfortabel mogelijk te maken op de treden van de roltrap. Patrick stond op om zijn jasje uit te trekken, maar stapte mis. Jennifer zag nog de angst in zijn opengesperde lichtblauwe ogen, net voordat hij definitief zijn evenwicht verloor en naar achteren viel. Bij zijn eerste achterwaartse koprol werd zijn val gebroken door een van de treden van de roltrap. Zwaar echode de doffe bonk van Patricks achterhoofd op het staal door het trapgat van de roltrap. Vier koprollen later lag hij tussen de brokstukken van hun prototype op de marmeren vloer van de tweede verdieping, zijn rechterarm en -been in een vreemde vouw. Zeker een halfuur lang moest ze zijn gekerm aanhoren, voordat het eindelijk stil werd.
De vermoeidheid sloeg toe. Ze vouwde Patricks jasje dubbel, om haar positie op de metalen treden nog enigszins dragelijk te maken. Haar handtas kon, zo goed en zo kwaad het ging, als hoofdkussen dienen. Heel even dacht ze nog aan de productpresentatie die haar rijk had kunnen maken, maar die nu zo jammerlijk verloren was gegaan. Toen sloot ze haar ogen. Het zou een lange, ongemakkelijke nacht worden.
Voor haar nooit meer een roltrap, was haar laatste gedachte voordat de slaap haar overmande. Nooit meer!
Volgende keer zou ze gewoon de lift nemen.